's Ochtends kom ik binnen op de Valkappel, ik start de computer op en zet de radio aan. Een standaardritueel eigenlijk. Ik wacht tot de eerste bewoner wakker wordt.
Eén voor een wordt iedereen wakker, ik help wie ik moet helpen en we starten rustig op. Rond 11.00 uur zitten we aan de koffie en ik vraag of iemand nog goede voornemens heeft. Een bewoner begint te lachen en zegt: "Nee, daar doe ik niet meer aan." We lachen samen verder.
Vervolgens gaat iedereen wat voor zichzelf doen, ik doe een spelletje Mens-erger-je-niet met een bewoner.

Geluk

En met het geluk dat hij heeft, gooit hij driemaal een zes achter elkaar. Ik daarentegen kom niet verder dan een 1, 4 en een 5. De bewoner lacht en zegt dat hij gaat winnen. We gaan verder met het spelletje en het spant erom: wie gaat zegevieren. De bewoner wint uiteindelijk en we doen nog een potje om het af te leren.

Ontspannen 

Ik merk aan de bewoners dat ze genieten van deze kleine momentjes. Ik zie de lach op hun gezicht en de ontspannen houding die ze aannemen. Ze vragen uit zichzelf of ik een spelletje met ze kom doen. Ze vragen of ik even op hun kamer kom kijken, zodat ze hun knutselwerken aan me kunnen laten zien.
 
Aan het einde van de dag ga ik met een lach op mijn gezicht naar huis. Het is nieuwjaarsdag en het jaar is fijn begonnen. De bewoners vragen wanneer ik er weer ben en of we dan weer een spelletje doen. Eén bewoner wil toch wel weten waarom ik naar huis ga. Ik zeg: 'Omdat, het huis niet naar mij komt." De bewoner moet lachen en ik wens hem een fijne dag.